30 March 2000

Nota Volwasseneneducatie resultatenverslag en beleidsuitgangspunten 2000  (deel 2 uit 2)
 


naar agenda

 

VOORTRAJECTEN (educatie)

Nederlands en oriëntatie op werk en scholing

FCL 482.000

 

[kenmerk]

Cursisten (zowel autochtonen als allochtonen) die zich op het eindniveau van de Basiseducatie bevinden (KSE 3) en via deze cursus een brug kunnen slaan naar een vervolgopleiding en/of werk.

[algemene beschrijving]

Nederlands als vaktaal, communicatie, leren solliciteren, beroepenoriëntatie en informatiekunde zijn de

belangrijkste componenten binnen deze cursus. Indien daartoe aanleiding is, worden gastsprekers uitgenodigd en vinden excursies plaats.

[uitgangspunten]

Doorstroom naar het beroepsonderwijs en/of werk (regulier, additioneel).

[kengetallen]

Aantal deelnemers: 10

Uitvoering: 15 uur per week, gedurende 12 weken.

Periode: 1x per jaar: januari/april.

Uitvoerende instantie: TaalPlus Educatie

[resultaten]

Voor 1998 waren er 3 groepen van 10 cursisten gepland. De cursus is op grond van onvoldoende aanmeldingen slechts eenmaal gestart met 10 cursisten. De overige 20 cursistenplaatsen zijn, conform de afgesproken richtlijnen met de Gemeente, gebruikt voor anderstaligen.

Aantal deelnemers 10, in plaats van 30 genoemd in het educatieplan

Uitstroomgegevens.

Onbekend 3

Naar vervolgopleiding: 5

Tussentijds beëindigd: 2

Het verzuimpercentage bedroeg 24.8%

[conclusies, aanbevelingen]

Gezien het aantal aanmeldingen wordt de cursus niet meer in het programma opgenomen, de vrijgekomen gelden zijn gebruikt voor het NT2-onderwijs.

 

VOORTRAJECTEN (educatie)

Nederlands als moedertaal (NT1)

FCL 482.000

[kenmerk]

Autochtonen, bestaande uit laagopgeleide mensen, zowel werkend als niet werkend, bijscholen in de Nederlandse taal.

[algemene beschrijving]

Deze cursus loopt van het niet of nauwelijks kunnen lezen en schrijven tot het niveau van twee tot drie jaar Algemeen Vormend Onderwijs. (KSE 1 -3). Spreekvaardigheid, luistervaardigheid, lezen, schrijven en sociale vaardigheden vormen de bestanddelen van dit traject.

[uitgangspunten]

De uitstroom is, afhankelijk van het bereikte niveau, gericht op sociale redzaamheid, werk en/of een vervolgopleiding.

[kengetallen]

Aantal deelnemers: 54, in plaats van 100 genoemd in het Educatieplan

Uitvoering: 2½ uur per week

Periode: januari 1998 t/m december 1998

Uitvoerende instantie: TaalPlus Educatie

[resultaten]

Uitstroomgegevens:

Naar werk: 1

Naar vervolgopleiding: 42 (kan ook een SVE niveauverhoging inhouden)

Eindniveau bereikt 3

Tussentijds beëindigd: 8 persoonlijke reden: 3

geen specifieke reden: 5

Het verzuimpercentage bedroeg: 25,8%

[conclusies, aanbevelingen]

In het kader van de sociale activering bestaat de mogelijkheid dat deze doelgroep opnieuw de aandacht zal krijgen. Doordat de contacten met de fase-4 groep momenteel actief worden gelegd, kan naar voren komen dat ook autochtonen problemen met de taalvaardigheid hebben. Vanuit de TRE wordt met het oog daarop het advies gegeven het huidige aantal groepen (6) te handhaven en samenwerking met Buro Werkplan te zoeken voor de werving en selectie. Deze conclusie geldt eveneens voor de hierna genoemde cursus alfabetisering autochtonen. In 1999 is deze cursus namelijk samengevoegd met de alfabetiseringscursus.

Tot op heden is de afspraak gemaakt dat gelden die overblijven vanwege het niet doorgaan van bepaalde opleidingen overgeheveld worden naar de NT2 opleidingen. De oorspronkelijke Basis-Educatie (BE) groep verdwijnt hierdoor steeds meer binnen de educatie. Een verschuiving van deze groep vindt vermoedelijk plaats naar het sociaal/maatschappelijk terrein. Een nadeel van deze ontwikkeling is het steeds meer verdwijnen van autochtone groepen binnen de educatie, waardoor een ‘zwarte’ school ontstaat. Uit onderzoeken blijkt dat 10% van de Nederlanders in meer of mindere mate problemen heeft met lezen en schrijven. Dit geeft aan dat er zeker potentieel is, ook in Delft.

 

VOORTRAJECTEN (educatie)

Alfabetisering autochtonen

FCL 482.000

[kenmerk]

Cursus voor mensen die niet of nauwelijks onderwijs hebben gehad en die grote moeite hebben met lezen en schrijven.

[algemene beschrijving]

De cursus bestaat uit lessen in de Nederlandse taal gekoppeld aan sociale vaardigheden. De lessen Nederlands richten zich vooral op het leren lezen en schrijven. In eerste instantie is de cursus gericht op sociale redzaamheid. Het uitstroomniveau is KSE 1.

[uitgangspunten]

De cursus richt zich op maatschappelijke participatie.

[kengetallen]

Aantal deelnemers: 6, in plaats van de 20 genoemd in het educatieplan.

Uitvoering: 5 uur per week

Periode: kalenderjaar 1998

Uitvoerende instantie: TaalPlus Educatie

[resultaten]

Naar vervolgopleiding: 6 (Vervolgtraject Educatie)

Het verzuimpercentage bedroeg 25,8%

 

[conclusies, aanbevelingen]

De bestaande twee groepen voor de toekomst handhaven. Zie conclusies en aanbevelingen bij het traject Nederlands als moedertaal.

 

VOORTRAJECTEN (educatie)

Alfabetisering allochtonen

FCL 482.000

[kenmerk]

Allochtonen die niet hebben leren lezen en schrijven in hun eigen taal of allochtonen die niet kunnen lezen en schrijven in het Latijnse schrift, Nederlands leren.

[algemene beschrijving]

Spreekvaardigheid, luistervaardigheid, schrijfvaardigheid en leesvaardigheid bijbrengen op alfabetiseringsniveau 1 t/m 4.

Dit niveau begint bij niet kunnen lezen en schrijven (niveau 1) en eindigt bij het alfabet kunnen toepassen in lezen en eenvoudig schrijven.

Sociale kennis en vaardigheden vormen een onlosmakelijk onderdeel van deze cursus.

[uitgangspunten]

Het belangrijkste uitgangspunt bij deze opleiding is dat deelnemers zich kunnen redden in de Nederlandse maatschappij op het terrein van de gezondheidszorg, geldzaken, huisvesting e.d. Een deel zal na deze cursus doorstromen naar NT2 niveaugroepen in dag- of avondonderwijs.

[kengetallen]

Aantal deelnemers: 49, ten opzichte van 30 genoemd in het Educatieplan.

Uitvoering: 7½ uur per week

Periode: 1 januari 1998 t/m 31 december 1998

Uitvoerende instantie: TaalPlus Educatie

[resultaten]

Studieresultaten

Niveau gehaald niet gehaald Totaal

Alfabetisering 1 6 4 10

Alfabetisering 2 8 2 10

Alfabetisering 3 11 11

Doorstroom niveaugroepen NT2 laag 14 14

Totaal 39 6 45

Uitstroomresultaten

Naar vervolgopleiding/traject 45 (zie studieresultaten)

Tussentijds beëindigd: 4

Het verzuimpercentage bedroeg 25,6%


[conclusies, aanbevelingen]

  • Het aantal allochtonen dat niet gealfabetiseerd is, neemt ook ten opzichte van 1997 nog steeds toe. De wachttijd kan oplopen tot een jaar, omdat de deelnemers niet makkelijk tussentijds kunnen instromen. De deelnemers hebben een langzaam leertempo wat een langzame uitstroom met zich meebrengt.
  • Het verdient aanbeveling het aantal groepen minimaal te handhaven, c.q. uit te breiden.
  • In het kader van sociale activering is het raadzaam met Buro Werkplan een samenwerking aan te gaan.
  • Een samenwerking met buurthuizen en sociaal cultureel werk, gericht op taalbeheersing, kan de taalvaardigheid van deze doelgroep vergroten.

 

VOORTRAJECTEN (educatie)

Elementair rekenen en rekenvaardigheden

FCL 482.000

[kenmerk]

Zowel autochtonen als allochtonen die:

  • het Nederlands beheersen op minimaal cito-niveau 1;
  • in het dagelijks leven merken dat zij onvoldoende kunnen rekenen;
  • een vervolgopleiding volgen of willen gaan volgen;
  • aan het werk willen of al een baan hebben waarbij rekenen nodig is.

[algemene beschrijving]

Cursisten leren de basisvaardigheden van het rekenen en toepassingen ervan bij de rekenonderdelen: meten, verhoudingen, procenten, tijd en geld. De cursus rekenen wordt op drie niveaus gegeven.

[uitgangspunten]

Mensen door middel van het rekenen sociaal redzaam maken. Er zijn ook deelnemers die deze cursus gebruiken als basis voor de uitstroom naar een vervolgopleiding.

[kengetallen]

Aantal deelnemers: 21, ten opzichte van 20 genoemd in het Educatieplan.

Uitvoering: 2 ,5 uur per week

Periode: kalenderjaar

1998

Uitvoerende instantie TaalPlus Educatie

[resultaten]

Studieresultaten:

vervolgtraject educatie 15

externe uitstroom 6

waarvan:

vervolgopleiding 3

persoonlijke reden 3

Het verzuimpercentage bedroeg 25%

[conclusies en aanbevelingen]

  • Rekenen is een van de basisvaardigheden die iemand moet hebben om te kunnen doorstromen naar een beroepstraject. Daarnaast is een minimale kennis van het rekenen vereist om te kunnen participeren in de maatschappij. Om deze redenen zijn de volgende aanbevelingen te noemen:
  • het huidige aantal groepen handhaven.
  • het vak rekenen en rekenvaardigheden opnemen in de standaardtrajecten van de kwalificatiestructuur.
  • aansluiting zoeken bij het vak wiskunde, op MAVO niveau
  • het meer integreren van rekenen in het educatie-aanbod voor allochtonen.

 

VOORTRAJECTEN (educatie)

Informatica

FCL 482.000

[kenmerk]

Een basiscursus voor allochtonen en autochtonen in het leren werken met een computer.

[algemene beschrijving]

De cursisten maken kennis met de computer en leren een aantal elementaire handelingen met betrekking tot Windows, Word en het gebruik van Internet. De cursus is bestemd voor autochtonen en allochtonen die door willen stromen naar opleiding of beroep en zij die beginners zijn op het gebied van computergebruik.

[uitgangspunten]

De informatica-lessen zijn ondersteunend naar de andere vakken ten aanzien van het zelfstandig gebruik van het Open Leercentrum.

[kengetallen]

Aantal deelnemers: 73, ten opzichte van 60 genoemd in het Educatieplan.

Uitvoering: 2,5 uur per week gedurende 12 weken

Periode: Drie maal per jaar: januari/april, april/juli, september/december

Uitvoerende instantie: TaalPlus Educatie

[resultaten]

Studieresultaten:

met certificaat 63

zonder certificaat 9

Uitstroom:

vervolgtraject educatie: 68

externe uitstroom: 5

vervolgopleiding 1

persoonlijke reden 4

Het verzuimpercentage bedroeg 12%

 

[conclusies en aanbevelingen]

  • In de toekomst wordt dit vak een belangrijk onderdeel van de standaardtrajecten binnen de educatie. Met behulp van deze technologie kan het zelfstandig leren en/of het docentonafhankelijk leren worden bevorderd.
  • Gezien dit gegeven en de mogelijkheden voor het onderwijs is het aanbevelenswaardig de uren en de mogelijkheden voor deze cursus uit te breiden.

 

VOORTRAJECTEN (educatie)

NT2 Inburgeringstrajecten

[kenmerk]

Nederlands voor nieuwkomers.

[algemene beschrijving]

Nieuwkomers hebben sinds 30 september 1998 de plicht opgelegd gekregen na een inburgeringsonderzoek deel te nemen aan een inburgeringsprogramma gedurende twaalf maanden. Als vervolg hierop is nog een traject mogelijk van zes maanden met begeleiding van het Bureau Nieuwkomers. De gemiddelde duur via de wet inburgering nieuwkomers van het onderwijs Nederlands als tweede taal bedraagt 600 uur. Daarna kunnen mensen, afhankelijk van hun niveau en persoonlijke omstandigheden doorstromen naar NT2-laag, NT2-hoog en Intensief Nederlands gericht op werk.

[uitgangspunten]

Zoveel mogelijk deelnemers twee niveaus laten behalen in een gemiddelde van 600 uur.

[kengetallen]

Aantal deelnemers: 274 ten opzichte van 140 genoemd in het educatieplan

Uitvoering: 600 uur in 30 weken van 20 uur per week, of 40 weken van 15 uur per week.

Periode: 1 januari 1998 t/m 31 december 1998.

Kosten per deelnemer: ƒ 4953,- voor 600 contacturen: ƒ 8,25,- per uur

Uitvoerende instantie: TaaPlus Educatie

[resultaten]

274 deelnemers.

19 zijn hiervan in de leeftijd van 16 en 17 jaar.

27 tijdelijk uitgestroomd met als belangrijkste redenen, psychische klachten en problemen op het gebied van gezinshereniging danwel zwangerschap.

33 zijn in januari 1999 gestart met een inburgeringscursus.

168 volgden in 1998 een inburgeringscursus, enkelen met extra modules

waarvan 71 - 25 uur per week,

waarvan 97 - 15 uur per week,

Van deze 168 zijn de volgende percentages behaald:

13% van niveau 0 - 1

36% niveau 1

19% van niveau 1 - 2

23% niveau 2

9% niveau 2 of hoger

104 zijn in 1998 gestart met een regulier educatief programma, bijvoorbeeld een alfabetiseringscursus of avondcursus.

N.B. de peildatum is 31 december 1998. Hierbij is een overlap van programma’s mogelijk in de telling. Een nieuwkomer kan bijvoorbeeld starten in het eerste kwartaal in een avondgroep en vervolgens instromen in een inburgeringsprogramma van 20 uur per week. Flexibiliteit bij Taalplus educatie en het streven naar maatwerk per nieuwkomer maakt dit mogelijk.

In het vierde kwartaal van 1998 waren nieuwkomers die deelnamen aan educatie binnen TaalPlus Educatie verdeeld over de volgende cursussen:

Alfabetisering 23 cursisten uit 1997 27 cursisten uit 1998

NT2- 10 uur per week 38 cursisten uit 1997 77 cursisten uit 1998

Niveau 4 en 5 TRE 4 cursisten uit 1997 8 cursisten uit 1998

Intensief Ned n. werk 14 cursisten uit 1997 44 cursisten uit 1998

Het totale bestand van Bureau Nieuwkomers bedroeg in 1998, 511 cliënten. In 1998 zijn 41 mensen voorgedragen voor bemiddeling.

[conclusies en aanbevelingen]

  • Ter bevordering van de flexibiliteit in de programma’s is voor 1999 besloten aan te sluiten bij de reguliere NT2-programma’s en alle cursussen inburgering 15 uur per week te laten duren. Dit aanbod sluit ook beter aan bij de doelgroep nieuwkomers, die voor het overgrote deel een vluchtelingenachtergrond hebben.
  • De opleidingsachtergrond van de nieuwkomers was dit jaar overwegend hoog; 212 deelnemers hadden een vooropleiding van 10 jaar of meer.
  • In 1999 wordt gestreefd een grotere groep deelnemers door te laten stromen naar bemiddeling richting arbeidsmarkt. De verbeterde samenwerking met Buro Werkplan en het arbeidsbureau moet dit mogelijk maken. De invoering van het portfolio (= een uitgebreid CV met een beschrijving van alle vaardigheden en behaalde kwalificaties in opleiding en werk) bij het Bureau Nieuwkomers zal een snellere overdracht eveneens haalbaar dienen te maken.
  • De verblijfsvergunning vormt in een aantal situaties een belemmering voor doorstroom richting vervolg studie of werk. Zo mag iemand met een Vergunning Tot Verblijf (VTV) met Anderstalige Minderjarige Asielzoekersbeperkingen (AMA) geen studiefinanciering aanvragen en moet een VTV status eerst drie jaar in het bezit zijn voordat deze studiefinanciering wordt verleend. Ook ten aanzien van de bemiddeling naar werk vormt de verblijfsvergunning dikwijls een knelpunt.
    Deze maatregelen ontnemen deelnemers vaak de motivatie zich in te zetten voor het snel behalen van een hoog niveau NT2.
  • Dankzij deelname aan het landelijke project "Netwerken voor de integratie van vluchtelingen" gefinancierd vanuit de Europese Unie kon de opvangklas voor 16 en 17 jarigen nog een jaar voortgezet worden. Het resultaat van deze groep was zeer positief; 70% van de jongeren was in veertig weken in staat door te stromen naar de reguliere NT2 programma’s

 

VOORTRAJECTEN (educatie)

NT2 Laag

FCL 482.000/482.103

[kenmerk]

Allochtonen met een laag leertempo vergroten hun vaardigheden in de Nederlandse taal.

[algemene beschrijving]

Cursisten leren de Nederlandse taal van niveau 0 tot en met 2. Er wordt aandacht besteed aan spreken, luisteren, lezen en schrijven en sociale kennis en vaardigheden.

Per niveau is 400 uur nodig bij een gemiddeld leertempo.

De cursist krijgt 10 uur in de week les, hierbij zijn huiswerk, buitenschoolse opdrachten en zelfstandig leren in het openleercentrum niet meegerekend.

De cursist moet rekening houden met 10 tot 20 uur totale studiebelasting per week: 10 uur les en maximaal 10 uur zelfstudie en/of huiswerk.

[uitgangspunten]

Cursisten die de toets na afloop van de cursus voldoende maken, kunnen doorstromen naar:

een volgend niveau of:

een cursus spreekvaardigheid;

een cursus informatiekunde, rekenen,

een vervolgopleiding.

[kengetallen]

Aantal deelnemers: 243 ten opzichte van 145 genoemd in het Educatieplan.

Uitvoering: 5 uur of 10 uur

Periode: kalenderjaar 1998

Uitvoerende instantie: TaalPlus Educatie

[resultaten]

Uitstroomgegevens

Naar vervolgopleiding/traject: 166 - op weg naar 1: 118

- niveau 1: 26

- op weg naar 2: 1

- niveau 2 en verder 21

Tussentijds beëindigd: 77 6 - werk

5 - andere opleiding

3 - medisch

3 - zwangerschap

21 - niet gekomen/verkeerde keuze/hoog verzuim

6 - verhuizing

16 - persoonlijke directe reden

17 - onbekend

Het verzuimpercentage bedroeg 34%.

 

[conclusies en aanbevelingen]

  • Ten aanzien van deze doelgroep is het aan te bevelen een onderscheid te maken tussen die deelnemers die opteren voor een niveau sociale redzaamheid en diegenen die beroepsgericht willen leren.
  • Als gevolg van deze verdeling zouden cursussen aangeboden moeten worden met een intensiteit van 7, 5 uur of lager. Uit onderzoek van het CINOP is nl. gebleken dat de effecten van het lesgeven in NT2 optreden, wanneer er sprake is van een intensiteit van 10 uur of meer.
    Voor de oefening en het aanbrengen van sociale vaardigheden door middel van taalonderwijs is een lagere intensiteit wel effectvol.
  • Ten aanzien van het hoge verzuim zal meer gewerkt worden aan de eigen verantwoordelijkheid van de cursist. Een van de redenen kan zijn dat juist voor de groep die niet hoger scoort dan niveau 1 of 1,5 van de kwalificatiestructuur, 10 of 15 uur te veel is.
  • Voor deze groep deelnemers zal in 1999 het experiment taalstages worden opgezet.

 

VOORTRAJECTEN (educatie)

NT2 Hoog

FCL 482.000/482.103

[kenmerk]

Nederlands als tweede taal gericht op hoog opgeleide allochtonen, met een hoog of normaal leertempo.

[algemene beschrijving]

De cursisten in deze cursus hebben allen een opleiding gevolgd in het land van herkomst op het niveau van: havo/vwo, een middelbare c.q. hogere beroepsopleiding of universiteit.

Het cursusaanbod bestrijkt de vier niveaus van Nederlands als tweede taal. Het lesaanbod bestaat uit Nederlands als tweede taal, Nederlandkunde, spreekvaardigheid en computerondersteund onderwijs (grammatica en spelling met behulp van de computer).

Op niveaugroep 5 wordt examentraining gegeven voor het staatsexamen Nederlands I en II.

[uitgangspunten]

Per semester kan een cursist 1 niveau verhogen en doorstromen naar een hoger niveau. Uiteindelijk kan de cursist voorbereid worden op het examen NT2-I en II.

[kengetallen]

Aantal cursistplaatsen: 320

Aantal deelnemers: 593 (hier zitten dubbelingen in)

Uitvoering: 7,5 uur per week

Periode: twee maal 20 weken: februari/juli en september/januari

Uitvoerende instantie: TaalPlus Educatie

[resultaten]

Studieresultaten

Niveau aantal geslaagd/gezakt 1e semester 2e semester

1 geslaagd 49 60

gezakt 12 12

2 geslaagd 56 29

gezakt 14 6

3 geslaagd 25 28

gezakt 27 33

4 geslaagd 23 21

gezakt 21 11

Uitgeschreven 38 127

 

Totaal 265 327

In het 2e semester van het jaar is er een groter aantal deelnemers gestart. De voornaamste reden is te vinden in het kleinere aanbod van het VAVO.

Examenkandidaten NT II 15

volledig geslaagd 5

deels geslaagd 8

niet geslaagd 2

Naar vervolgopleiding/traject: 296 (gemiddeld over 2 semesters)

Tussentijds beëindigd: 165 persoonlijke redenen 68

verzuim 38

geen reden 98

werk 9

vervolgopleiding 14

verhuizing 7

Het verzuimpercentage bedroeg 32,8%

[conclusies en aanbevelingen]

  • In 1998 is gestart met het intensiveren van het aanbod. In plaats van 7½ uur les wordt overdag 15 uur les aangeboden.
  • Het verdient aanbeveling met deze intensivering door te gaan.
  • Deze intensivering vindt niet plaats bij het avond aanbod, deelnemers zouden dan 5 avonden per week naar school moeten.
  • Daarnaast is het een gegeven dat voor een aantal cursisten op de dag een aanbod van 15 uur te veel is. Het betreft hier met name ouders van kinderen in de leeftijd van 0 - 12 jaar.
  • Voor deze groep moet bekeken worden of er knelpunten in de kinderopvang aanwezig zijn.

 

VOORTRAJECTEN (educatie)

VAVO

FCL 482.000

[kenmerk]

(Jong) volwassenen vanaf 16 jaar de kans bieden een diploma of certificaat te behalen volgens de Wet op het Voortgezet Onderwijs.

[algemene beschrijving]

De volgende vakken worden gegeven:

MAVO HAVO

Nederlands Engels

Frans

Duits

Engels

Spaans

Geschiedenis

Wiskunde

Biologie

Economie

De VAVO kent 1-jarige versnelde opleidingen (overdag) en 2-jarige opleidingen (‘s avonds).

Bij voldoende vooropleiding is het mogelijk bij het vak Engels op het HAVO in de avond ook in 1 jaar een diploma en/of certificaat te halen.

[uitgangspunten]

De cursisten kunnen met een VAVO-diploma doorstromen naar MBO of HBO. De cursisten behalen ofwel certificaten per vak ofwel een volledig diploma.

[kengetallen]

Aantal deelnemers: MAVO: 77

HAVO: 73

VWO: 24

N.B. Het VAVO kent een jaarinstroom per schooljaar. Derhalve worden hier gegevens van schooljaar 1997/98 gegeven. Omdat het hier de rapportage 1997/1998 betreft zijn het HAVO en het VWO nog betrokken in de rapportage.

Periode; september 1997 t/m juli 1998

Uitvoerende instantie: TaalPlus Educatie

[resultaten]

Aantal cursisten dat volledig examen doet: mavo: 7 havo: 6 vwo:-

Een of meer deelexamens: mavo: 70 havo: 67 vwo: 24

Totale aantal deelnemers mavo: 77 havo: 73 vwo: 24

Totaal aantal deelexamens: mavo: 176 havo: 133 vwo: 36

Teruggetrokken: mavo: 14 havo: 28 vwo: 12

Geslaagd voor het diploma: mavo: 5 havo: 2

5 certificaten: mavo: - havo: - vwo: -

4 certificaten: mavo: 1 havo: 1

3 certificaten: mavo: 9 havo: 3 vwo: 1

2 certificaten: mavo: 12 havo: 11 vwo: 4

1 certificaat: mavo: 34 havo: 19 vwo: 5

geen certificaat: mavo: 1 havo: 8 vwo: 2

een diploma heeft gekregen op basis van

inruil van reeds behaalde certificaten mavo: 13 havo: 10 vwo: 3

 

[conclusies en aanbevelingen]

  • Ten aanzien van het VAVO verdient het aanbeveling delen van het VAVO te gaan gebruiken voor doorlopende trajecten naar het beroepsonderwijs. Met name de vakken Nederlands, Engels, wiskunde, economie en de algemene vakken als geschiedenis lenen zich daartoe.
  • Omdat de tweede fase in het voortgezet onderwijs nog niet volledig is ingevoerd en er voor uitstromers van het voormalig MAVO nog geen adequate oplossing gevonden is voor aansluiting bij de volwasseneneducatie wordt geadviseerd het VAVO-aanbod zo ruim mogelijk te houden.
  • Het schooljaar 1998/1999 zal dan ook starten met vakken als boven genoemd. Er waren op de peildatum voor de HAVO onvoldoende aanmeldingen voor het vak Nederlands, dit heeft geen doorgang gevonden. Na de peildatum hebben zich nog veel cursisten gemeld, waardoor het van belang is dit vak voor 1999/2000 toch weer op HAVO niveau aan te bieden.

 

FUNCTIEGERICHTE SCHOLING

Trainingen on the job, gericht op Melkertfuncties

FCL 482.106

[kenmerk]

Mensen die een aanstelling hebben in het kader van een Melkertbaan volgen een functiegerichte training om goed voorbereid hun werk te kunnen uitoefenen.

[algemene beschrijving]

Trainingen on the job zijn trainingen van gemiddeld drie maanden, 1 x per week, waarin werknemers met een gesubsidieerde baan geschoold worden in een van de volgende vaardigheden: EHBO, spreekvaardigheid Engels, communicatie op het werk en kennismaken met de computer. Daarnaast is er voor het eerst een cursus ‘omgaan met geld’ in het pakket opgenomen.

[uitgangspunten]

40 - 60 mensen een training bieden waardoor zij professioneel in een werksituatie kunnen functioneren en daardoor hun positie op de arbeidsmarkt kunnen verstevigen.

[kengetallen]

Aantal deelnemers: 50 (deze hebben deelgenomen aan verschillende trainingen)

Uitvoering: 2½ uur per week, gemiddeld 12 weken per cursus

Periode: 1 september - 31 december 1998

Kosten per deelnemer: ƒ 1094,- voor gemiddeld 240 contacturen: ƒ 4,60,- per uur

Uitvoerende instantie: Stichting Technicom en Stichting Maatzorg

[resultaten]

Aantal deelnemers: 50, verdeeld over de diverse trainingen

Cursus Aantal Met certificaat Zonder certificaat/

voortijdig uit

Communicatie op het werk 1 11 7 4

Communicatie op het werk 2 5 4 1

EHBO 1 12 7 5

EHBO 2 13 7 6

Kennismaken computer 1 8 6 2

Kennismaken computer 2 9 7 2

Kennismaken computer 3 7 6 1

Spreekvaardigheid Engels 6 5 1

Omgaan met geld 7 5 2

[conclusies en aanbevelingen]

  • 27% van mensen die werkzaam zijn in een Melkertfunctie hebben deelgenomen aan een of meer trainingen on the job. Hieruit kan geconcludeerd worden dat deze trainingen in een behoefte voorzien.
  • Om het aantal deelnemers te vergroten is het van belang meer bekendheid aan deze trainingen te geven. Daarnaast zullen werkgevers ook het belang van training moeten gaan inzien.
  • Aan de basismodule verzorging heeft niemand deelgenomen terwijl er 68 mensen geplaatst zijn (1995,1996 en 1997) in een Melkertfunctie.
  • De module omgaan met geld is experimenteel in het aanbod opgenomen. Het aanbod was gericht op Melkertwerknemers bij de dienst WOC. Een eerste selectie bestond uit 14 deelnemers. Uiteindelijk zijn er 7 overgebleven. Vanuit deze groep bestond er nogal wat weerstand met betrekking tot deelname aan deze cursus. Uiteindelijk heeft de docent dit weg kunnen nemen. Het belang van een dergelijke module wordt door een ieder (lees toeleiders) erkend. Een belangrijk aandachtspunt is echter wel de selectie. Kandidaten zullen zich niet of nauwelijks uit zichzelf opgeven, dit vraagt extra aandacht bij de trajectbegeleiders.



FUNCTIEGERICHTE SCHOLING
 

Leerwerkbank

FCL 482.101

[kenmerk]

Door praktisch aan de slag te gaan, ontdekken cursisten hun vaardigheden en mogelijkheden met betrekking tot verschillende beroepsrichtingen.

[algemene beschrijving]

De Leerwerkbank is bedoeld voor (langdurig) werklozen die geen reële beroepswens hebben, die geen relevante opleiding gevolgd hebben en die slechts vage indicaties bezitten omtrent hun mogelijkheden op werk. Het aanbod bestaat uit 2 fasen:

een heroriënteringsprogramma van 4 weken (fase 1), waarin cursisten een beroepskeuze kunnen maken, en

een 2e fase van maximaal 6 maanden, waarin de cursisten een praktische scholing volgen op het gebied van metaal, installatietechniek, elektrotechniek, detailhandel, schilderen, verzorging, horeca, bouw/hout.
In deze fase ligt de nadruk niet op het vermeerderen van kennis, maar op het testen van taal en
rekenvaardigheden, het bepalen van de beroepskeuze en het weer wennen aan regelmaat en
discipline. Voor cursisten in de technische beroepen wordt twee uur per week Technisch tekenen gegeven. Daarnaast wordt tegen het einde van de opleiding een stageperiode in de betreffende sector afgesproken, met als doel de overgang van de beschermde praktijksimulatie naar de werksituatie te verkleinen.

[uitgangspunten]

Via het aangeboden traject kunnen 75 deelnemers een heroriënteringsprogramma volgen. Na de eerste fase een uitstroom van 70-80% naar de tweede fase, dan wel naar bemiddeling, een andere opleiding en/of werk.

80 deelnemers worden geschoold in fase 2 en worden daarmee opgeleid tot:

bemiddeling naar werk: regulier of gesubsidieerd;

het volgen van een (vervolg) beroepsopleiding.

Na afloop van de opleiding stroomt 70-80% door naar werk of een vervolgopleiding.

De uitstroom is gericht op professionele redzaamheid.

[kengetallen]

Aantal deelnemers: 1e fase: 36

2e fase: 103

Uitvoering: 36 uur per week, maximaal 34 weken, gemiddeld 24 weken

Periode: kalenderjaar 1998

Kosten per deelnemer: ƒ 7.818,- voor gemiddeld 800 contacturen: ƒ 9,77 per uur

Uitvoerende instantie: Leerwerkbank

[resultaten]

Aantal deelnemers 1e fase: 36 2e fase: 103

Doorstroom naar 2e fase: 17 (47%)

Vervolgopleiding/werk: 9 (25%) vv.opl/werk: 43 (42%)

Voorgedragen bemiddeling: 4 (11%) bemiddeling: 26 (25%)

Voortijdige uitval: 6 (17%) voort.uitval: 13 (13%)

nog in opl. 21 (20%)
 

[conclusies en aanbevelingen]

  • In 1998 is het RBA een inkooprelatie aangegaan met de Leerwerkbank, waarbij afgesproken is dat er 75 deelnemers zullen deelnemen aan de 1e fase en 80 aan de 2e fase. Het aantal deelnemers in de eerste fase is gereduceerd vanwege het lage deelnemersaantal in voorgaande jaren, maar ook vanwege de inzet van het assessment-project. Het deelnemersaantal in de 1e fase is nog lager uitgekomen dan verwacht. De gunstige economische situatie is hier zeker een verklaring voor.
  • Het aantal jongeren dat de Leerwerkbank bezocht was hoog. Door het geringe aantal cursisten zijn er geen beperkingen gesteld. Opmerkelijk was, dat bij kleinere groepen meer aandacht gegeven kon worden aan de jongeren waardoor minder problemen in de werkplaatsen voorkwamen.
  • Gezien de terugloop in de scholingsvraag met betrekking tot fase 1 en fase 2 is voor 1999 besloten de Leerwerkbank projectmatiger in te zetten. Trainingen on the job, het schakel- en activeringstraject voor jongeren, e.d. worden in het ‘reguliere’ scholingsaanbod van de Leerwerkbank ondergebracht. De gelden kunnen op deze wijze efficiënter worden ingezet. Wel vraagt dit van de toeleidende instanties inspanningen met betrekking tot het gericht aanmelden van kandidaten.
  • Vanuit de Diensten- en Werkwinkel is er in overleg met de Leerwerkbank een product ‘functiegericht assessment’ ontwikkeld. Dit is een middel om de werving en selectie van in principe geschikte medewerkers voor de DWW nog beter te kunnen uitoefenen. Dit praktijkassessment wordt eveneens in het scholingsaanbod voor 1999 meegenomen.
  • In 1999 wordt onderzocht hoe een herpositionering van de Leerwerkbank kan plaats vinden. Overname van de producten en de deskundigheid door een andere scholingsinstelling heeft o.a. als voordeel dat de Leerwerkbank financieel minder kwetsbaar is wanneer de situatie zich voordoet dat het cursistenaantal daalt.


FUNCTIEGERICHTE SCHOLING

Starten van een eigen bedrijf in coöperatievorm

FCL 482115

[kenmerk]

Een mogelijkheid voor vrouwen met een inkomen rond het minimum, om via het opzetten van een eigen bedrijf economisch zelfstandig te worden. Centraal in het programma staat het bottom-up werken, het uitgaan,- en stimuleren van het eigen initiatief van de deelnemers.

[algemene beschrijving]

Voor werkzoekende vrouwen worden activiteiten georganiseerd om zich voor te bereiden op het starten van een eigen bedrijf in coöperatievorm. Deze activiteiten zijn onder te verdelen in verschillende cursussen. Een voorbereidende selectie cursus ‘empowerment’ welke zich richt op het kunnen samenwerken, het nakomen van afspraken, vergroten van zelfvertrouwen, het verhogen van de uitdrukkingsvaardigheid, het verkrijgen van inzicht in de betekenis van een eigen bedrijf en het opzetten van netwerken. Voor de geselecteerde kandidaten wordt in samenspraak met iedere deelnemer een individueel vervolgtraject vastgesteld. Een cursus ‘oriëntatie eigen bedrijf’ is een verplicht onderdeel van het groepsproces.

[uitgangspunten]

Het aanbieden van een opleidingspakket dat inzage geeft in het starten van een eigen bedrijf. De activiteiten binnen dit traject zijn er op gericht deelnemers de kans te geven voor zichzelf te beginnen. Daarnaast biedt het pakket ook mogelijkheden werkzoekenden te laten ontdekken dat een eigen bedrijf voor hen niet de juiste keuze is. Dit verkregen inzicht geeft ruimte zich te richten op betaald werk op de reguliere arbeidsmarkt.

[kengetallen]

Aantal deelnemers: Empowerment, 27

Oriëntatie eigen bedrijf, 17

Individuele cursussen, 9

Startersbegeleiding en haalbaarheidsonderzoek

Uitvoering: gemiddeld 20 uur per week

Periode: oktober 1997 t/m 1999

Kosten per deelnemer: ƒ 2740,- per gemiddelde deelnemer, een uurprijs is niet te benoemen.

Uitvoerende instanties: TaalPlus Educatie, Trainings- en Adviescentrum, SVH- onderwijscentrum, Trainings- en Adviesbureau voor de horeca, St.

Kleinschalige bedrijven, Haagse Hogeschool en het Vrouwen Organi-

satie en Coördinatiepunt.

[resultaten]

Empowerment: 27

doorstroom or. eigen bedrijf 17

Or. eigen bedrijf: 17

verdere oriëntatie coöperaties 5

verhogen taalniveau 3

regulier werk 2

combinatie regulier werk/eigen

bedrijf 1

voortijdige uitval 6

Individuele cursussen 4


Aan het einde van de cursus Empowerment hadden zich 4 coöperatiegroepen gevormd:

New Age

Catering

Telewerken

Multiculturele kinderopvang

Eind 1998 zijn er nog 3 coöperatiegroepen over. De multiculturele kinderopvang is opgeheven. De 3 samenwerkingsverbanden zijn gevorderd tot een daadwerkelijke opzet van een ondernemingsplan en worden daarbij ondersteund door het Trainings- en advies Centrum en de stichting Kleinschalige bedrijven. Daarnaast voeren drie groepen studenten van de Haagse Hogeschool samen met de coöperaties in oprichting haalbaarheidsonderzoeken uit.

[conclusies en aanbevelingen]

  • Zorgvuldige selectie van de kandidaten waarin Buro Werkplan en arbeidsvoorziening zijn betrokken. Na de opleiding empowerment het Trainings- en adviescentrum betrekken bij de verdere selectie.
  • Aanstellen van een coach die aan de ene kant beschikbaar is voor de deelnemers en aan de andere kant aanspreekpunt vormt voor opleidingsinstituten en andere begeleiders.
  • De cursus openstellen voor vrouwen en mannen.
  • Het als voortraject positioneren vanuit een ITB-traject. Voor diegenen die serieus verder willen een doorstroommogelijkheid bieden binnen het professionele startersbeleid. Deelnemers die afzien van hun ondernemersplannen alternatieven aanreiken in het kader van een vakopleiding en/of betaald werk.

 

BIJLAGEN

LIJST MET AFKORTINGEN

AOB Adviesbureau voor Onderwijs en Beroep

AMA Anderstalige Minderjarige Asielzoeker

BE Basiseducatie

BIND Bureau Informatie Nieuwkomers Delft

B&M Dienst Beheer en Milieu

CIP Centraal Informatie Punt Volwasseneneducatie

CITO niveau-aanduiding voor Nederlands als tweede taal, gebaseerd op de leerdoelen zoals die zijn vastgesteld door het CITO - Centraal Instituut voor Toetsenontwikkeling

CVH Centrum Vakopleiding Haaglanden

DMZ Dienst Maatschappelijke Zorg

DWW Diensten- en Werkwinkel

ESF Europees Sociaal Fonds

IAV Instaptoets Anderstalige Volwassenen

ID-BANEN In- en doorstroombanen

JWG Jeugdwerkgarantiewet

KSE Kwalificatie Structuur Educatie

LWB Leerwerkbank Delft

NT1 Nederlands als moedertaal

NT2 Nederlands als tweede taal

OC&W Ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap

OGH OnderwijsGroep Haaglanden

O & O fonds Opleidings- en Ontwikkelingsfonds

PAS Programma Additionele Scholing

RBA Regionaal Bestuur Arbeidsvoorziening

ROB Regionale Onderneming voor Beroepskwalificatie

ROC Regionaal Opleidingen Centrum

SVE niveau-aanduiding voor Nederlands als moedertaal, gebaseerd op de leerdoelen zoals die zijn vastgesteld door het SVE - Landelijke Studie- en Ontwikkelingscentrum voor de Volwasseneneducatie

TAC Trainings- en adviescentrum

TRE Regionaal Opleidingen Centrum Tinbergen Reynevelt Educatief Centrum. TaalPlus/Reynevelt Educatie maakt deel uit van de ROC TRE-groep.

VAVO Voortgezet Algemeen Volwassenen Onderwijs

VSO Voortgezet Speciaal Onderwijs

VTV Vergunning tot Verblijf

VWS Ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport

WEB Wet Educatie en Beroepsonderwijs

WIW Wet Inschakeling Werkzoekenden

WOC Dienst Welzijn, Onderwijs en Cultuur

 

TOETSENOVERZICHT NT2-ONDERWIJS

Anderstaligen

De toetsen die worden gebruikt zijn de door het Bureau InterCulturele Evaluatie ontwikkelde toetsen.

Deze toetsen vervangen de sinds 1988 in gebruik zijnde Instaptoets Anderstalige Volwassenen ofwel IAV (CITO-toets).

De niveaus van de nieuw ontwikkelde toetsen zijn direct te relateren aan de tot nu toe gebruikte CITO-niveaus. Bovendien sluiten de toetsen aan bij de landelijke staatsexamens NT2.

1. Intake

Nieuw aangemelde, niet analfabete cursisten worden getoetst met een intaketoets NT2.

De Voorschatter geeft een indicatie van het niveau: beginners, halfgevorderden en gevorderden.

Deze niveaus worden nader bepaald d.m.v. weer elk vier toetsen: lezen, schrijven, luisteren en spreken.

Een indicatie van het studievaardigheidsniveau kan verkregen worden door het afnemen van een trajectkeuzetoets (toetst onafhankelijk van het Nederlandse taalniveau) of een studievaardigheidstoets.

Voortgang en eindmeting

Hiertoe worden trajecttoetsen gebruikt. Deze trajecttoetsen zijn in twee verschillende series uitgegeven: een serie voor laagopgeleide cursisten (L-serie) en een voor hoogopgeleide (S-serie).

De vier vaardigheden lezen, schrijven, luisteren en spreken worden getoetst (van niveau 1 tot en met niveau 4). Een verschil met de IAV-toetsen is dat de nieuwe toets ook tussenniveaus kent: "op weg naar niveau..."

Om te voorkomen dat de inhoud van de toetsen bekend wordt bij de cursisten, zoals het geval was met de IAV, zal de inhoud van de toetsen jaarlijks vernieuwd worden.

 

Analfabete anderstaligen

Intake: intaketoets alfabetisering.

Voortgang en eindmeting: trajecttoetsen alfabetisering zijn in ontwikkeling.

 

Tabel 3

Bepaling (globaal)

startniveau NT2

Bepaling

type NT2-traject

(Uitgebreide) bepaling (beginniveau)

voortgang en afsluiting intern

Afsluiting extern

 

 

Trajecttoetsen NT2 serie L

 

Staatsexamen I

 

 

Intaketoets NT2

Trajectkeuze-toets

of

Intaketoets

Studievaardig-

heid

 

 

 

Trajecttoetsen NT2 serie S

 

 

Staatsexamen I

of

Staatsexamen II

 

   

 

ID-toets NT2

 

Staatsexamen II

Intake en plaatsing

Onderwijs

Uitstroom

RENDEMENT ADDITIONELE PROJECTEN
(scholingsprojecten gericht op de doelgroepen vanuit het gemeentebeleid en gefinancierd vanuit gelden anders dan de rijksoverheid)

 

 

RENDEMENT IN PROCENTEN

   

Afgerond

Tussentijdse

uitstroom

Door naar werk/

vervolgopleiding

80/80

2

Sociale activering

vrijwilligers

64

36

45

64

71

3

 

STAR

80

20

80

80

100

4

 

Kennismaken met de computer

82

18

53

82

64

5

Activering Jongeren

64

27

55

64

75

6

Algemene

beroepen

oriëntatie

77

22

67

77

86

7

Vrouwen uit

de bijstand

(2x)

65

35

62

65

94

8

Assessment

(zie evaluatieverslag Bureau Salto nov.98

-

-

-

-

-

9

Intensief

Nederlands

gericht op werk

80

20

74

80

93

20

Trainingen on the Job, gericht op Melkertfuncties

69

31

-

69

-

21

Leerwerkbank

Fase 1

Fase 2


83
87


17
13


83
67


83
87


100
77

22

Starten eigen bedrijf in coöperatievorm

Empowerment

Or. eigen bedrijf

individuele cursus.




-
65
-




-
35
-




-
59
-




-
65
-




-
91
-

80/80 geeft aan dat 80% de opleiding afgerond behoort te hebben en dat van deze 80%, 80% door dient te stromen naar een vervolgopleiding en/of werk.

Financieel overzicht

Projectnr.

Fcl

Omschrijving Fcl

Uitgaven

Dekking uitgaven

Totaal

ESF

WIW

Arbeids-
-voorziening

Rijksbijdragen-
/gemeentelijke bijdragen *

Totaal dekking

1

482 010

Informatiepunt Volwassen-
educatie

141.000

79.000

62.000

141.000

2, 3 en 4

482 114

Sociale Activering

32.000

32.000

32.000

5

482 104

Activering jongeren tot 23 jaar

116.000

47.000

69.000

116.000

6 en 7

482 109

Beroepen-
orientatie

86.000

44.000

42.000

86.000

8

482 113

Assessment

25.000

25.000

25.000

9

482 102

Schakel naar werk

582.000

312.000

187.000

83.000

582.000

10 t/m 15 en 19

482 000

Basiseducatie-
/VAVO

3.266.000

3.266.000

3.266.000

16 en 17

482 103

Intensief Nederlands

202.000

202.000

202.000

18

NT2 Inburgering-
strajecten

1.357.000

1.357.000

1.357.000

20

482 106

Training on the job

56.000

56.000

56.000

21

482 101

Leerwerkbank

1.047.000

605.000

100.000

279.000

63.000

1.047.000

22**

482 115

Starten eigen bedrijf

0

Totalen

6.910.000

1.008.000

767.000

362.000

4.773.000

6.910.000

*

De gemeentelijke bijdragen zijn cursief aangegeven

** (22)

Starten Eigen bedrijf: de kosten zijn niet in het overzicht opgenomen omdat deze kosten betrekking hebben op het

budgetjaar 1997. (± ƒ 65.000)

N.B. De uitgaven werden in 1998 begroot op ƒ 5.800.000,-. De hoge uitgaven in 1998 werden volledig gecompenseerd door hogere inkomsten van de diverse subsidieverstrekkers.

 

terug naar boven