Nota fusie schoolbegeleidingsdienst | ||
Toelichting Op 15 december 1997 hebben de Regionale Onderwijsbegeleidingsdienst Zuid-Holland West en de Onderwijsbegeleidingsdienst regio Delft-Westland de intentie tot fusie uitgesproken. De diensten hebben bekeken of een bundeling van krachten tot een sterkere strategische en inhoudelijk-organisatorische positie zou leiden. De begeleidingssituatie in de betrokken gemeenten is in grote lijnen vergelijkbaar en daarnaast gaat het om direct aan elkaar grenzende begeleidingsregios. Er is sprake van expertisevorming op verschillende terreinen waardoor de diensten kunnen profiteren van elkaars kwaliteiten en elkaar kunnen aanvullen en versterken. Daarnaast biedt schaalvergroting mogelijkheden tot verbreding en verdere specialisering van het aanbod van producten en diensten waarmee beter tegemoet kan worden gekomen aan de vraag van scholen. Fusieprotocol In een door de twee besturen op 17 november 1998 ondertekend fusieprotocol is een aantal voorwaarden opgenomen waaronder de fusie zal plaatsvinden. Deze voorwaarden zijn kort samengevat de volgende:
Over het bovenstaande is het college van B&W en raadscommissie Werk, Zorg en Onderwijs en betrokken schoolbesturen in maart 1999 geïnformeerd. Gemeentelijke goedkeuring fusie Bij brief van 3 mei 1999 en de aanvullende brief van 16 juni 1999 verzoeken beide besturen nu om in te stemmen met de fusie. De besturen van beide diensten delen in genoemde brieven mee, dat op een bevredigende wijze is voldaan aan de in het fusieprotocol genoemde voorwaarden, waardoor nu een definitieve besluitvorming vanuit de instandhoudende gemeenten mogelijk is. Het voornemen is er daarom op gericht om per 1 oktober 1999 de fusie van beide diensten te realiseren. Op grond van alle bijgevoegde informatie kan worden opgemaakt, dat aan nagenoeg alle gestelde voorwaarden is voldaan. Echter de afwikkeling van de besloten vennootschap- constructie van de OBD Delft-Westland en de daarmee samenhangende positie van de autonoom bestuurder van de besloten vennootschap kent enige tegenslag. In de brief van 16 juni 1999 wordt hierover nadere openheid van zaken gegeven. Het gaat daarbij om de te betalen wachtgeldverplichtingen aan de autonoom bestuurder van de BV, aan wie middels een gerechtelijke procedure per 1 mei 1999 het arbeidscontract is opgezegd. Het participatiefonds heeft onlangs bepaald, dat de wachtgeldbetaling door het bestuur van de dienst Delft/Westland dient te geschieden. Het bestuur van de onderwijsbegeleidingsdienst zal hiertegen beroep aantekenen. Daarnaast is gebleken, dat het overleg met de aandeelhouders van de BV inzake de opheffing niet optimaal verloopt. Met de aandeelhouders zal in de komende maanden opnieuw overleg worden gevoerd om aan te geven, dat liquidatie van de BV. En de overdracht van de gelden de enige juiste weg is. Wel is het van belang te vermelden, dat door de ontbinding van de arbeidsovereenkomst van de bestuurder van de BV, de verplichte koppeling van de BV en onderwijsbegeleidingsdienst ten einde is. Daardoor is het nu voor de nieuwe dienst mogelijk om per heden alle commerciële activiteiten te laten verlopen via de nevenstichting van de nieuwe werkorganisatie. Gemeenten krijgen zo meer inzage in de commerciële activiteiten van de nevenstichting.. De mogelijke negatieve effecten van de commerciële paragraaf mogen niet ten laste komen van de gemeenten en zullen worden opgevangen binnen de organisatie zelf. De besturen van beide diensten geven ondanks bovengenoemde situatie aan, dat de wachtgeldkosten geen invloed zullen hebben op de kostprijs van de onderwijsbegeleiding. Door diverse efficiencymaatregelen is het in de toekomst zelfs mogelijk de kostprijs per begeleidingsuur voor de scholen te verlagen. De directies van beide diensten hebben allerlei voorbereidende maatregelen genomen om met ingang van het komend school operationeel te zijn en de klanten van de nieuwe dienst vanuit een nieuwe samenstelling tegemoet te treden. Gelet op het bovenstaande doen de diensten een dringend beroep op de gemeenten om de fusie per 1 oktober 1999 door te zetten. Door de gezamenlijke gemeenten is een samenwerkingsovereenkomst opgesteld, die de afspraken vastlegt betreffende de instandhouding van een schoolbegeleidingsdienst. Voortvloeiend uit deze samenwerkingsovereenkomst is een raamovereenkomst tussen de gemeenten en de stichting "Onderwijsadvies West Zuid Holland" opgesteld, die de afspraken en verplichtingen naar elkaar toe vastlegt. Door in te stemmen met de samenwerkingsovereenkomst en raamovereenkomst wordt tevens voldaan aan de wettelijke verplichting om een schoolbegeleidingsdienst in stand te houden.
Afdeling onderwijs 13-07-99 |
||
![]() |
![]() |